Omar wil meer mensen in zijn buurt leren kennen. In het buurthuis ziet hij een briefje over vrijwilligerswerk. Elke woensdag helpt een groep met koffie voor oudere mensen. Omar meldt zich aan en zegt dat hij Nederlands wil oefenen. De coördinator vindt dat een goed idee. Tijdens de koffie praat Omar over het weer en de markt.